Geen producten gevonden voor deze selectie.

Bevestiging en onderhoud

1. Wat is het verschil tussen een panhaak en een schroefbevestiging?
Een panhaak is een metalen haak die aan de panlat wordt bevestigd en de dakpan aan de onderzijde vasthoudt, zonder dat de pan doorboord wordt. Dit is de meest gangbare bevestiging op het dakvlak. Bij een schroefbevestiging zet u de pan met een dakpanschroef direct vast aan de panlat. Dat geeft een stevigere verbinding op plekken met veel windbelasting, zoals dakranden, hoeken, nokken en vorsten. Vaak worden beide gecombineerd: panhaken op het dakvlak en dakpanschroeven in de randzones.
2. Wanneer moet ik dakpannen extra vastzetten tegen storm?
Extra bevestiging is vooral nodig bij hoge of vrijstaande gebouwen, steile daken en in kustgebieden en andere winderige regio's. Ook bij dakranden, hoeken en nokken, waar de windzuiging het grootst is. Fabrikanten geven vaak een bevestigingsschema mee op basis van NEN 6707 en de windbelastingsnorm NEN-EN 1991-1-4. Dat schema geeft aan welk deel van de dakpannen extra vastgezet moet worden, bijvoorbeeld met schroeven naast panhaken. Verliest uw dak regelmatig pannen bij storm? Laat een dakdekker de bevestiging dan beoordelen.
3. Wat is een ventilatiepan en wanneer is die nodig?
Een ventilatiepan is een dakpan met een aangepaste vorm die lucht doorlaat naar de ruimte onder de dakpannen. Zo wordt vochtige lucht afgevoerd en condensvorming voorkomen. Bij moderne, goed geïsoleerde en luchtdichte daken met een dampremmende folie is een ventilatiepan meestal niet nodig: de kieren tussen de pannen zorgen voor voldoende luchtcirculatie. Bij een matig geventileerde spouw, risico op vochtophoping of op advies van een bouwfysisch adviseur is een ventilatiepan wel verstandig. Wij adviseren graag op basis van uw dakopbouw.
4. Hoe verwijder ik mos van mijn dak en houd ik mijn dakpannen schoon?
Mos verwijderen en uw dak reinigen doet u het beste voorzichtig, met een zachte borstel of een reinigingsmiddel speciaal voor dakpannen. Vermijd een hogedrukreiniger: die beschadigt de beschermlaag, zoals de kleurcoating van betonpannen en de engobe van keramische pannen. Controleer het dak eens per twee tot drie jaar op mos, algen en vervuiling, afhankelijk van schaduw en vocht rond de woning. Snoei overhangende takken om mosgroei te beperken. Zo voorkomt u dat mos vocht vasthoudt en slijtage of vorstschade veroorzaakt.
5. Wat is loodvervanger en wanneer gebruik ik dit in plaats van lood?
Lood wordt van oudsher gebruikt om aansluitingen tussen het dakvlak en schoorstenen, dakkapellen, gevels of dakdoorvoeren waterdicht af te werken. Het is flexibel en precies op maat te vormen. Loodvervanger is een kunststof of composiet alternatief met vergelijkbare flexibiliteit en waterdichtheid, zonder de nadelen van lood: het gewicht, uitloging naar het milieu en het risico op diefstal. Loodvervanger wordt daarom steeds vaker gebruikt, ook omdat het makkelijker te verwerken is. Beide vragen zorgvuldige plaatsing voor een blijvend waterdichte aansluiting.
6. Hoe voorkom ik lekkage bij de nokvorst?
De nok is de hoogste lijn van het dak, afgedekt met vorstpannen of nokvorsten. Lekkage bij de nokvorst ontstaat meestal door verweerde of gescheurde nokvorstmortel, vorsten die na storm loszitten of verschuiven, of te weinig overlap met de dakpannen eronder. Bij renovatie wordt vaak een droog nokvorstsysteem gebruikt: een geventileerde, flexibele rol in plaats van mortel, met mechanisch bevestigde vorsten. Dat vraagt minder onderhoud. Vermoedt u een noklek? Laat de nokvorst inspecteren, want een noklek wordt vaak elders zichtbaar.